Partijen sloten op 6 maart 2024 een arbeidsovereenkomst waarbij eiser per 1 januari 2025 in dienst zou treden. Eiser gaf op 12 juni 2024 aan dat hij door studievertraging niet op die datum kon beginnen en verwachtte pas rond april 2025 beschikbaar te zijn. IT Topdogs stelde een latere startdatum voor, maar partijen bereikten geen overeenstemming.
Eiser volgde enkele workshops en klikgesprekken, maar deze werden niet als arbeid gekwalificeerd. De kantonrechter oordeelde dat de e-mail van 12 juni 2024 een duidelijke opzegging van de arbeidsovereenkomst was, waardoor eiser niet in dienst trad. Er was geen nieuwe arbeidsovereenkomst of addendum gesloten.
De loonvordering van eiser werd daarom afgewezen. Tevens werd eiser veroordeeld in de proceskosten van IT Topdogs. De vordering in voorwaardelijke reconventie werd niet behandeld omdat de voorwaarde niet was vervuld.