Uitspraak
RECHTBANK AMSTERDAM
1.Onderzoek ter terechtzitting
2.Tenlastelegging
bijlage Ibij dit vonnis.
3.Waardering van het bewijs
poging– en dat is waar we het hier over hebben – kan hebben plaatsgevonden.
4.Bewezenverklaring
bijlage IIopgenomen bewijsmiddelen bewezen dat verdachte
5.Strafbaarheid van het feit
6.Strafbaarheid van verdachte
7.Motivering van de straffen
8.Benadeelde partij en de schadevergoedingsmaatregel
9.Toepasselijke wettelijke voorschriften
10.Beslissing
[verdachte], daarvoor strafbaar.
taakstraf van 80 (tachtig) uren,met bevel, voor het geval dat de verdachte de taakstraf niet naar behoren heeft verricht, dat vervangende hechtenis zal worden toegepast van
40 (veertig) dagen.
gevangenisstraf voor de duur van 105 (honderdvijf) dagenmet bevel dat de tijd die door verdachte vóór de tenuitvoerlegging van deze uitspraak in verzekering en voorlopige hechtenis is doorgebracht, bij de uitvoering van deze straf geheel in mindering zal worden gebracht.
60 (zestig) dagen, van
deze gevangenisstraf niet ten uitvoer gelegd zal worden, tenzij later iets anders wordt gelast.
2 (twee) jarenvast.
bijzondere voorwaarden:
€ 280,60 (tweehonderdtachtig euro en zestig cent)aan vergoeding van
materiële schadeen een bedrag van
€ 1.000,- (duizend euro)aan vergoeding van
immateriële schade, te vermeerderen met de wettelijke rente daarover vanaf het moment van het ontstaan van de schade (20 juli 2025) tot aan de dag van de algehele voldoening.
verplichtingop om ten behoeve van [benadeelde partij]
aan de Staat € 1.280,60 (duizendtweehonderdtachtig euro en zestig cent)te betalen, te vermeerderen met de wettelijke rente daarover vanaf het moment van het ontstaan van de schade (20 juli 2025) tot aan de dag van de algehele voldoening. Bij gebreke van betaling en verhaal kan gijzeling worden toegepast voor de duur van
22 (tweeëntwintig) dagen. De toepassing van die gijzeling heft de betalingsverplichting niet op.