De rechtbank Amsterdam heeft verdachte vrijgesproken van het primair ten laste gelegde medeplegen van poging tot uitlokking van moord en subsidiair medeplegen van voorbereidingshandelingen moord. De rechtbank oordeelde dat het bewijs onvoldoende concreet en eenduidig was om opzet en poging tot uitlokking aan te tonen, mede gelet op de inhoud en context van chatberichten.
Wel werd bewezen verklaard dat verdachte samen met anderen ongeveer 400 kilo cocaïne heeft vervoerd en heeft geprobeerd 1.000 kilo cocaïne in Nederland in te voeren. De poging tot invoer werd als relatief ondeugdelijke poging aangemerkt, omdat de cocaïne vermoedelijk ontbrak in de container, maar de handelingen van verdachte concreet gericht waren op voltooiing van het misdrijf.
Daarnaast werd witwassen van € 3.385 bewezen verklaard, omdat verdachte geen concrete, verifieerbare verklaring kon geven voor de legale herkomst van het geld. Witwassen van een horloge en een auto werd niet bewezen verklaard vanwege aannemelijke verklaringen en gebrek aan tegenbewijs.
De rechtbank legde een gevangenisstraf van 5 jaar op, lager dan de eis van 10 jaar, rekening houdend met de ernst van de feiten, eerdere veroordelingen, en het feit dat verdachte openheid van zaken gaf. De rechtbank hield geen rekening met de door verdachte genoemde druk, omdat deelname aan internationale cocaïnehandel risico's met zich meebrengt. Het geld werd verbeurd verklaard en het horloge teruggegeven aan de rechthebbende.