Uitspraak
1.De procedure
- [minderjarige 1] ;
- mevrouw [naam 1] namens de voogd;
- de pleegouders, bijgestaan door hun waarnemend advocaat mr. R. Ronday;
- mevrouw [naam 2] namens de Raad.
Vrijdag webinar: live demo van Lexboost
Rechtbank Amsterdam
De rechtbank Amsterdam behandelde het verzoek van de voogd om een omgangsregeling vast te stellen tussen twee zussen, waarbij de oudere zus in een gezinshuis verblijft en de jongere bij pleegouders. De oudere zus wenst contact met haar jongere zus, maar de jongere zus geeft aan momenteel geen contact te willen vanwege de onrustige situatie.
De voogd stelde dat contactherstel noodzakelijk is voor de identiteitsontwikkeling van de zussen en dat een omgangsregeling de pleegouders zou verplichten het contact te faciliteren. De pleegouders en de Raad voerden aan dat het contact op dit moment te belastend is voor de jongere zus, die rust en veiligheid zoekt in haar huidige situatie.
De rechtbank overwoog dat het recht op omgang ontzegd kan worden indien dit ernstig nadeel oplevert voor de geestelijke ontwikkeling van het kind. Gezien de onrustige periode en de duidelijke wens van de jongere zus om geen contact te hebben, is het op dit moment niet mogelijk om onbelast contact tot stand te brengen.
De rechtbank wijst het verzoek daarom af, met de hoop dat in de toekomst contactherstel mogelijk zal zijn. De betrokken volwassenen, waaronder pleegouders en voogd, dienen de zussen te ondersteunen bij het contact wanneer zij beiden daartoe bereid zijn.
Uitkomst: Het verzoek van de voogd tot vaststelling van een omgangsregeling tussen de zussen wordt afgewezen vanwege de onrustige situatie en het ontbreken van onbelast contact.