Uitspraak
RECHTBANK AMSTERDAM
[handelsnaam],
1.De procedure
2.De beoordeling
3.De beslissing
donderdag 15 januari 2026 om 10.00 uurvoor akte uitlating door eisende partij,
Rechtbank Amsterdam
Eisende partij, een uitvaartonderneming, vordert betaling van een factuur voor verleende diensten, waarop gedaagde partij niet heeft betaald. Gedaagde is consument, waardoor de rechtbank ambtshalve toetst aan het consumentenrecht, met name de informatieplichten en de Richtlijn 93/13 EG over oneerlijke bedingen.
De rechtbank constateert dat eisende partij onvoldoende heeft gesteld over de naleving van de informatieplichten bij een overeenkomst buiten de verkoopruimte. Ook is onduidelijk waarom de factuur ruim € 800 hoger is dan de vooraf verstrekte kostenbegroting. Daarnaast worden bedingen over rente, buitengerechtelijke kosten en gerechtelijke kosten in de algemene voorwaarden ambtshalve getoetst op oneerlijkheid.
De renteclausule is oneerlijk vanwege een te hoog rentepercentage zonder geldige reden. Het beding over buitengerechtelijke kosten is oneerlijk omdat het zonder limiet kosten kan verhalen, wat afwijkt van dwingend recht. Het proceskostenbeding is eveneens oneerlijk omdat het alle kosten bij de consument kan leggen, wat alleen in bijzondere gevallen is toegestaan.
De rechtbank wijst eisende partij de mogelijkheid toe om zich nader uit te laten over deze punten en wijst de zaak aan voor een rolzitting. Tot die tijd worden verdere beslissingen aangehouden.
Uitkomst: De rechtbank wijst verstek toe maar houdt de zaak aan voor nadere uitlating over informatieplichten en oneerlijke bedingen.