Uitspraak
RECHTBANK AMSTERDAM
1.Het onderzoek ter terechtzitting
2.Tenlastelegging
3.Waardering van het bewijs
- die [slachtoffer 1] een mes te tonen en
- dreigend met het mes in zijn hand op die [slachtoffer 1] af te lopen en
- meermalen met het mes van dichtbij stekende en zwaaiende bewegingen richting het lichaam van die [slachtoffer 1] te maken;
- een vleesmes te pakken en met dat mes in de hand achter die [slachtoffer 3] aan te rennen en tegen die [slachtoffer 3] te zeggen "Ik steek je dood" en
- een smeermes te pakken en met dat mes in de hand achter die [slachtoffer 3] aan te rennen en tegen die [slachtoffer 3] te zeggen: "Ik ga je neersteken, ik maak je dood" en
- een broodmes te pakken en dat broodmes dreigend op te heffen naar die [slachtoffer 3] en
- tegen die [slachtoffer 2] te zeggen: "Hou je bek anders steek ik jou ook neer" en
- een keukenmes te pakken en daarmee zwaaiende bewegingen te maken naar die [slachtoffer 2] en tegen die [slachtoffer 2] te zeggen dat hij hem ging neersteken en (de punt van) dat mes meermalen op de borst en de bovenarm van die [slachtoffer 2] te drukken en
- met dat mes een aantal snijdende bewegingen over de arm van die [slachtoffer 2] te maken;
- die [slachtoffer 2] meermalen te bijten en
- die [slachtoffer 2] aan de haren te trekken en
- die [slachtoffer 2] een kopstoot te geven;
- die [slachtoffer 4] dreigend de woorden toe te voegen: “Ja kom naar beneden, kom naar beneden, ik schiet je kankermoeder dood ja” en
- terwijl hij voornoemde dreigende woorden uitspreekt zijn hand in zijn tas houdt;
- “Ik ga jullie keel doorsnijden” en
- “Ik ga jullie liquideren” en
- “Ik woon in [buurt] en als ik je hier zie lopen dan pak ik je en snij ik je keel door” en
- “Ik onthoud jullie. Degene die straks water naar mijn cel brengt, die trek ik door het luik en breek zijn nek".
4.Het bewijs
5.De strafbaarheid van de feiten
6.De strafbaarheid van verdachte
7.Motivering van de straffen en maatregelen
8.Beslag
9.Ten aanzien van de benadeelde partij en de schadevergoedingsmaatregel
,vermeerderd met de wettelijke rente vanaf het moment waarop het strafbare feit is gepleegd.
10.Tenuitvoerlegging voorwaardelijke veroordelingen
11.Toepasselijke wettelijke voorschriften
12.Beslissing
190 dagen.
- ten behoeve van het vaststellen van zijn identiteit medewerking zal verlenen aan het nemen van een of meer vingerafdrukken of een identiteitsbewijs als bedoeld in artikel 1 van Pro de Wet op de identificatieplicht ter inzage aanbiedt;
- medewerking verleent aan het reclasseringstoezicht, bedoeld in artikel 14c, zesde lid, Sr, daaronder begrepen de medewerking aan huisbezoeken en het zich melden bij de reclassering zo vaak en zolang als de reclassering dit noodzakelijk acht.
,dadelijk uitvoerbaar zijn.