Uitspraak
1.De procedure
- de mondelinge behandeling van 12 juli 2024, waarvan door de griffier aantekeningen zijn gemaakt.
Rechtbank Amsterdam
In deze kortgedingprocedure vordert Rappange Administratie B.V. betaling van achterstallige huur en ontruiming van de woning gehuurd door de gedaagde. De gedaagde is niet verschenen, waardoor verstek is verleend.
De huurovereenkomst bevat een garantstelling door de ouders van de huurder, die medeondertekend is. Tijdens de zitting is vastgesteld dat Rappange de garantstellers niet heeft aangesproken voor betaling van de huurachterstand. Dit wordt gezien als een schending van goed verhuurderschap, omdat de verhuurder eerst van deze extra zekerheid gebruik moet maken alvorens een juridische procedure tegen de huurder te starten.
De kantonrechter oordeelt dat het aannemelijk is dat bij aanspreken van de garantstellers de huurachterstand mogelijk geheel zou zijn ingelopen. Daarom wordt de vordering tot ontruiming en betaling afgewezen. Ook wordt de huurovereenkomst niet inhoudelijk getoetst op oneerlijke bedingen. De proceskosten worden aan de zijde van de verhuurder opgelegd.
Uitkomst: De gevorderde ontruiming en betaling van achterstallige huur worden afgewezen omdat de verhuurder niet eerst de garantstellende ouders heeft aangesproken.