Uitspraak
uitspraak van de enkelvoudige kamer van 1 augustus 2024 in de zaak tussen
[eiser 1] en [eiser 2] , uit Amsterdam, eisers
Inleiding
Beoordeling door de rechtbank
Afwijken van het bestemmingsplan
B. Voor het realiseren van aan- en uitbouwen en bijgebouwen (bijbehorende bouwwerken) wanneer deze in strijd zijn met het geldende bestemmingsplan, wordt in Plan Zuid – met uitzondering van dat deel van Plan Zuid dat in De Pijp ligt – voor het bouwen en gebruiken van op de grond staande aan- en uitbouwen en bijgebouwen (bijbehorende bouwwerken) een afwijking verleend onder de volgende voorwaarden: Een aan-/uitbouw (bijbehorende bouwwerk):
1. wordt in het achtererfgebied gerealiseerd en is niet zichtbaar vanuit de openbare ruimte;
2. wordt binnen een afstand van 2,5 meter tot de oorspronkelijke achtergevel van het hoofdgebouw gerealiseerd;
3. mag niet meer dan één bouwlaag zijn en niet hoger zijn dan: a. 5 m; b. 0,3 m boven de bovenkant van de scheidingsconstructie met de tweede bouwlaag van het hoofdgebouw, en c. het hoofdgebouw;
Van de beleidsregels uit deze nota kan worden afgeweken, indien:
1. Aanbouwen van de buurpanden dienen een rechte lijn te volgen achter de achtergevel. In het aangepaste bouwplan van verzoekers wordt hier geen rekening mee gehouden. De haakse hoek van de door verzoekers voorgestane aanbouw zorgt voor een verspringing, waardoor het bouwplan een logische aansluiting ontbeert ten aanzien van de bij de buurpanden toegestane aanbouwen.2. Het aangepaste bouwplan voorziet in een zodanige haakse hoek dat de zijkant van de aanbouw, aan de zijde van het rechter buurpand, aanzienlijk naar achteren doorloopt. In ieder geval zodanig dat er sprake is van een aanzienlijke vermindering van uitzicht bij het pand aan de rechterzijde van verzoekers.’