Eiseres heeft beroep ingesteld tegen het besluit van het UWV om haar per 15 november 2021 een WIA-uitkering toe te kennen op basis van een arbeidsongeschiktheid van 38,26%. Het UWV baseerde dit besluit op medische en arbeidskundige rapporten, waaronder een Functionele Mogelijkhedenlijst (FML) en een arbeidsdeskundig onderzoek.
De rechtbank benoemde een medisch specialist als deskundige om de medische situatie van eiseres te beoordelen. Het rapport van deze deskundige bevestigde het ziektebeeld en de beperkingen zoals vastgesteld door het UWV, zonder aanleiding te geven tot verdere beperkingen. Eiseres betoogde dat de geduide functies niet passend waren, maar de rechtbank volgde de deskundige en verzekeringsarts in hun oordeel dat de beperkingen adequaat waren meegenomen.
De arbeidsdeskundige had drie functies geïdentificeerd die binnen de belastbaarheid van eiseres passen. De rechtbank vond de motivering van de arbeidsdeskundige voldoende en concludeerde dat eiseres in staat is deze functies te vervullen, wat resulteert in een arbeidsongeschiktheid van 38,26%. Het beroep van eiseres werd daarom ongegrond verklaard en zij kreeg geen vergoeding van proceskosten.