Uitspraak
RECHTBANK AMSTERDAM
Reficar,
LC Groep,
MIHen
Lealand,
Reficar,
MIH,
Vrijdag webinar: live demo van Lexboost
Rechtbank Amsterdam
In deze civiele procedure heeft Refinería de Cartagena S.A.S. (opposante) verzet ingesteld tegen een beschikking van de rechtbank Amsterdam van 10 oktober 2023, waarin een herstructureringsdeskundige werd aangewezen in het kader van een WHOA-procedure van MIH. Het verzet is ingesteld op grond van artikel 371 lid 14 van Pro de Faillissementswet (Fw), dat schuldeisers de mogelijkheid biedt om terug te komen op een openingsbeslissing indien zij niet in de gelegenheid zijn gesteld hun zienswijze kenbaar te maken.
De rechtbank heeft vastgesteld dat opposante wel degelijk een zienswijze heeft ingediend en is gehoord tijdens de behandeling van het verzoekschrift, waaronder over de rechtsmacht van de rechtbank. Hierdoor is het verzet op grond van artikel 371 lid 14 Fw Pro niet ontvankelijk. Opposante stelde dat het Europese recht, met name artikel 5 lid 1 van Pro de Europese Insolventieverordening (IVO), een ruimere mogelijkheid tot rechtsmiddelen biedt dan het nationale recht en dat de rechtbank prejudiciële vragen aan het Hof van Justitie had moeten stellen.
De rechtbank verwierp dit standpunt en benadrukte dat het rechtsmiddel verzet bedoeld is om een procedure in dezelfde instantie voort te zetten wanneer een partij verstek is verleend of niet is gehoord, wat hier niet het geval is. Het honoreren van het verzet zou leiden tot een hoger beroep in dezelfde instantie, wat niet past binnen het Nederlandse procesrecht. De rechtbank stelde dat dergelijke vragen in hoger beroep aan het gerechtshof moeten worden voorgelegd. Daarom verklaarde de rechtbank het verzet niet-ontvankelijk.
Uitkomst: Het verzet van Refinería de Cartagena S.A.S. tegen de beschikking van 10 oktober 2023 is niet-ontvankelijk verklaard.