Uitspraak
RECHTBANK AMSTERDAM
1.Het onderzoek ter terechtzitting
2.Tenlastelegging
meer subsidiairals een mishandeling;
3.Vrijspraak
(..) geen septumhematoom, scheve stand neus, zeer gevoelig bij aanraken, geen crep maar knik in benige deel’. Deze constatering is onvoldoende ondersteunend bewijs, omdat hierin niet wordt gesproken over een gebroken neus. Het letselrapport van 15 maart 2023 levert eveneens onvoldoende steunbewijs op, omdat het rapport van drie maanden later is en is gebaseerd op ontvangen medische informatie. Op basis van de medische stukken kan onvoldoende worden vastgesteld dat aangeefster een gebroken neus had op het moment dat aangeefster werd gezien door de politie na haar 112 melding. Aanwijzingen in het dossier die wel duiden op een gebroken neus zijn onvoldoende gespecificeerd en uit de tweede hand. Verdachte heeft het feit ontkend en getuigen hebben niet gezien dat verdachte aangeefster heeft geslagen. Het dossier bevat geen ander ondersteunend bewijs voor de aangifte. Dit alles brengt mee dat feit 1 niet bewezen kan worden nu de tenlastelegging in de drie varianten steeds spreekt van het slaan op de neus en/of in het gezicht. Ter zitting heeft de verdachte weliswaar verklaard dat het zou kunnen dat hij aangeefster met een veeg op de grond heeft gegooid, maar deze handeling is niet ten laste gelegd.
4.Beslag
5.Ten aanzien van de benadeelde partij
6.Beslissing
spreekt verdachte daarvan vrij.
- voorwerp 1, zijnde € 1.100,-, vallende onder goednummer PL1300-2023036627-6305352;
- voorwerp 2, zijnde 18 stuks edelsteen, vallende onder goednummer PL1300-2023036627-6305427.