Uitspraak
RECHTBANK AMSTERDAM
1.Onderzoek ter terechtzitting
2.Inleiding
3.Beschuldiging
bijlage Ivan dit vonnis. De inhoud daarvan geldt als hier ingevoegd. De rechtbank leest de beschuldiging verbeterd in die zin dat met ‘ [bedrijf] ’ wordt bedoeld ‘ [verdachte] ’ Gelet op het uittreksel uit de Kamer van Koophandel betreft dit een kennelijke verschrijving. Verdachte wordt door de verbeterde lezing niet in haar belangen geschaad.
4.Ontvankelijkheid van de officier van justitie
Gelet op de toelichting die de officier van justitie heeft gegeven kan evenmin worden vastgesteld dat de zaak tegen verdachte enerzijds en de (mogelijke) zaken tegen de gemeente Amsterdam anderzijds zodanig vergelijkbare gevallen betreffen dat het gelijkheidsbeginsel aan vervolging in de weg staat. Het verweer van de verdediging wordt daarom verworpen.
5.Waardering van het bewijs
- relevante feiten en omstandigheden (5.3.1.),
- de doodsoorzaak (5.3.2.),
- de vraag of de deelverwijten a t/m g kunnen worden bewezen (5.3.3.),
- voor zover dit zo is, de vraag of de deelverwijten dood door schuld opleveren (5.3.4.).
6.Bewezenverklaring
bijlage IIopgenomen bewijsmiddelen bewezen dat verdachte:
7.Strafbaarheid van het feit en van verdachte
8.Motivering van de straf
9.Vorderingen tot schadevergoeding van de benadeelde partijen
10.Beslissing
[verdachte], daarvoor strafbaar.
geldboetevan
€ 30.000,00(dertigduizend euro).
benadeelde partij [benadeelde 1]toe tot een bedrag van
€ 9.184,00(negenduizendhonderdvierentachtig euro) aan vergoeding van materiële schade, te vermeerderen met de wettelijke rente daarover vanaf het moment van het ontstaan van de schade (3 december 2018) tot aan de dag van voldoening.
overige niet-ontvankelijkin haar vordering is.
ten behoeve van [benadeelde 1] aan de Staat € 9.184,00(negenduizendhonderdvierentachtig euro) te betalen, te vermeerderen met de wettelijke rente daarover vanaf het moment van het ontstaan van de schade (3 december 2018) tot aan de dag van voldoening.
benadeelde partijen [benadeelde 2]en
[benadeelde 3] niet-ontvankelijkin hun vorderingen tot schadevergoeding.