ECLI:NL:RBAMS:2023:119
Rechtbank Amsterdam
- Wraking
- Rechtspraak.nl
Afwijzing wrakingsverzoek tegen kantonrechter wegens aanhouding strafzaak
Verzoeker heeft een wrakingsverzoek ingediend tegen mr. M.W. van der Veen, kantonrechter te Amsterdam, naar aanleiding van een beslissing om een strafzaak aan te houden. Verzoeker was het niet eens met de aanhouding omdat hij meende dat de stukken duidelijk waren en een aanvullende verklaring van de verbalisant niets zou toevoegen.
De wrakingskamer heeft het verzoek beoordeeld aan de hand van artikel 512 van Pro het Wetboek van Strafvordering en de jurisprudentie van de Hoge Raad. Volgens deze jurisprudentie kan een rechterlijke beslissing nooit een grond voor wraking zijn, omdat wraking geen verkapt rechtsmiddel is. De wrakingskamer toetst niet de juistheid van de beslissing, maar alleen of er sprake is van vooringenomenheid.
De motivering van de aanhouding zoals blijkt uit het proces-verbaal gaf geen blijk van vooringenomenheid. Het verzoek was daarom kennelijk ongegrond. Ook een latere aanvulling van het verzoek werd niet in behandeling genomen omdat alle wrakingsgronden tegelijk moeten worden ingediend.
De wrakingskamer heeft het verzoek tot wraking afgewezen en verklaard dat tegen deze beslissing geen rechtsmiddel openstaat.
Uitkomst: Het wrakingsverzoek tegen de kantonrechter is afgewezen omdat een rechterlijke beslissing geen grond voor wraking vormt en er geen aanwijzingen voor vooringenomenheid zijn.