Uitspraak
RECHTBANK AMSTERDAM
1.Onderzoek ter terechtzitting
2.Tenlastelegging
3.Waardering van het bewijs
4.Bewezenverklaring
9 euro en een geldbedrag van 16,50 euro, die geheel aan een ander toebehoorden, te weten aan [persoon 1] , heeft weggenomen met het oogmerk om het zich wederrechtelijk toe te eigenen, terwijl verdachte die weg te nemen geldbedragen onder zijn bereik heeft gebracht door middel van valse sleutels, te weten een bankpas van ABN Amro en een Mastercard creditcard op naam van die [persoon 1] ;
5.Strafbaarheid van de feiten
6.Strafbaarheid van verdachte
7.Motivering van de straf en maatregel
[persoon 1]vordert € 571,25 (saldo ov-kaarten, Roemeense ID-kaart, bankbiljet € 50,-, voordeurslot, oorbellen, zilveren figuurtjes) aan vergoeding van materiële schade. In de optelling is abusievelijk een bedrag van € 52,- niet meegerekend, zodat de totale gevorderde materiële ziet op een bedrag van
€ 623,25.De verzekering heeft inmiddels een bedrag van € 346,50,- uitgekeerd, zodat een materiële schade resteert van
€ 276,75, te vermeerderen met de wettelijke rente. Daarnaast vordert de benadeelde partij een bedrag van
€ 2.000,-aan vergoeding van immateriële schade, te vermeerderen met de wettelijke rente.
Subsidiair heeft zij onder verwijzing naar ECLI:NL:RBAMS:2021:7747 verzocht om de vordering voor een gering deel toe te wijzen.
Zij kan het resterende deel van haar vordering bij de burgerlijke rechter aanbrengen.
[persoon 1], naar burgerlijk recht aansprakelijk is voor de schade die door het in zaak A onder 1 bewezen geachte feit is toegebracht.
23 februari 2022, zodat verlening nog mogelijk is. Hoewel dit uit het uittreksel niet naar voren komt, lijkt het er op dat de proeftijd ook in 2019 al een keer is verlengd.
8.Toepasselijke wettelijke voorschriften
9.Beslissing
[verdachte], daarvoor strafbaar.
gevangenisstrafvoor de duur van
180 (honderdtachtig) dagen.
90 (negentig) dagen, van deze gevangenisstraf niet tenuitvoergelegd zal worden, tenzij later anders wordt gelast.
13-654150-18af.