ECLI:NL:RBAMS:2022:6790
Rechtbank Amsterdam
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Proceskostenvergoeding toegekend wegens niet-beslissing op bezwaarproceskosten
Eiser heeft beroep ingesteld tegen het besluit van de heffingsambtenaar van Amsterdam waarin ten onrechte niet op zijn verzoek om proceskostenvergoeding in bezwaar was beslist. De heffingsambtenaar had aanvankelijk geweigerd een dwangsom te betalen wegens het niet-tijdig beslissen op het bezwaarschrift, maar dit besluit was herroepen en een maximale dwangsom toegekend.
Het geschil beperkte zich tot de vraag of de proceskostenvergoeding in bezwaar terecht was geweigerd. De rechtbank oordeelde dat het verzoek onterecht was genegeerd en vernietigde de bestreden uitspraak voor zover daarin niet op het proceskostenverzoek was beslist. De rechtbank kende een proceskostenvergoeding toe voor zowel de bezwaarfase als de beroepsfase, met toepassing van een wegingsfactor van 0,5.
Daarnaast werd het door eiser betaalde griffierecht vergoed en werd de heffingsambtenaar veroordeeld tot betaling van wettelijke rente indien de bedragen niet binnen vier weken na verzending van de uitspraak aan eiser werden voldaan. Partijen waren niet verschenen tijdens de zitting, en het beroep werd behandeld op basis van de ingediende stukken.
Uitkomst: De rechtbank verklaart het beroep gegrond en veroordeelt de heffingsambtenaar tot betaling van proceskosten en griffierecht aan eiser.