ECLI:NL:RBAMS:2022:6478
Rechtbank Amsterdam
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Herstelvonnis wegens kennelijke fout in betalingsverplichting voor geleverde kunstwerken
In deze civiele zaak tussen twee besloten vennootschappen heeft de rechtbank Amsterdam op 21 september 2022 een herstelvonnis gewezen. Het verzoek tot verbetering betrof een kennelijke fout in het oorspronkelijke vonnis van 20 juli 2022, waarbij een bedrag van €15.500 ten onrechte was meegenomen in de betalingsverplichting.
De rechtbank overwoog dat het betreffende kunstwerk (voorwerp 22) non-conform was, waardoor geen koopprijs verschuldigd was. Dit bedrag was nog niet betaald en mocht daarom niet worden meegenomen in de vordering tot betaling. De rechtbank stelde vast dat het toegewezen bedrag in reconventie daardoor te hoog was vastgesteld.
Na het verzoek tot verbetering en het ontbreken van verweer van de wederpartij, besloot de rechtbank het bedrag te corrigeren van €219.939,89 naar €204.439,89, vermeerderd met wettelijke handelsrente vanaf 30 maart 2021. Tevens werd bepaald dat deze correctie op de minuut van het oorspronkelijke vonnis wordt vermeld en dat partijen het vonnis aan de griffie retourneren.
Het herstelvonnis is in het openbaar uitgesproken door rechter M.L.S. Kalff en betreft een zuivere correctie zonder inhoudelijke wijziging van de overige vonnispunten.
Uitkomst: Het betalingsbedrag wordt met €15.500 verlaagd wegens non-conformiteit van een kunstwerk.