Eiseres, voormalig caissière, is door het UWV per 24 juni 2020 voor 31,07% arbeidsongeschikt verklaard, waarna haar WIA-uitkering werd beëindigd. Eiseres betwistte dit besluit en stelde dat haar medische situatie ernstiger is, met diverse aandoeningen zoals reuma en hartritmestoornissen, en verzocht dat de rechter haar medische dossier en verklaringen van haar huisarts en specialisten zou betrekken.
De rechtbank oordeelde dat het UWV zijn besluit zorgvuldig heeft onderbouwd met medische en arbeidskundige rapporten, waaronder een functionele mogelijkhedenlijst (FML) en rapportages van verzekeringsartsen en arbeidsdeskundigen. De verzekeringsarts bezwaar en beroep heeft eiseres lichamelijk en psychisch onderzocht en alle relevante medische gegevens betrokken. Er was geen aanleiding om aanvullende informatie bij behandelend specialisten op te vragen.
De rechtbank stelde vast dat de rapporten consistent en logisch waren en dat de subjectieve klachten van eiseres niet doorslaggevend zijn bij de objectieve beoordeling van arbeidsongeschiktheid. Ook de arbeidskundige beoordeling werd niet betwist en was adequaat. Daarom werd het beroep ongegrond verklaard en het besluit van het UWV bevestigd.