ECLI:NL:RBAMS:2022:4759
Rechtbank Amsterdam
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Ongegrond beroep tegen naheffingsaanslag parkeerbelasting wegens onjuiste kentekenregistratie
Eiser kreeg op 9 september 2021 een naheffingsaanslag parkeerbelasting opgelegd door de heffingsambtenaar van Amsterdam. Eiser stelde dat hij na het parkeren zijn kenteken had ingevoerd in de digitale parkeerrechten database, maar erkende een vergissing te hebben gemaakt door een verkeerd kenteken te gebruiken.
De rechtbank oordeelde dat parkeren met een parkeervergunning alleen geldt indien aan alle voorwaarden wordt voldaan, waaronder het juiste kenteken. Omdat eiser het kenteken van een andere auto had ingevuld en dit kenteken ook digitaal was aangemeld, was niet voldaan aan de voorwaarden van de parkeervergunning. Dit risico lag bij eiser.
Omdat het hier gaat om een objectieve belasting en geen boete, is opzet of schuld niet vereist voor naheffing. De rechtbank volgde het standpunt van verweerder dat geen coulance kon worden betracht vanwege de omvang van de vergissing.
De rechtbank concludeerde dat eiser parkeerbelasting verschuldigd was omdat hij geen geldig parkeerrecht had aangeschaft. Het beroep werd daarom ongegrond verklaard. Er werd geen vergoeding van griffierecht toegekend.
Uitkomst: Het beroep tegen de naheffingsaanslag parkeerbelasting wordt ongegrond verklaard omdat niet aan de voorwaarden voor parkeervergunning is voldaan.