Uitspraak
RECHTBANK AMSTERDAM
Vonnis van de kantonrechter
[eiser] ,
VERLOOP VAN DE PROCEDURE
- de dagvaarding van 1 december 2021, met producties;
- de conclusie van antwoord in conventie, tevens eis in reconventie, met producties;
- het tussenvonnis van 10 maart 2022, waarbij een mondelinge behandeling is bepaald;
- het proces-verbaal van de mondelinge behandeling van 14 april 2022 met de daarin genoemde processtukken waaronder de conclusie van antwoord in reconventie van ING.
GRONDEN VAN DE BESLISSING
Feiten en omstandigheden in conventie en in reconventie
De schuldenaar is bij de vaststelling van het door hem aan de bank verschuldigde gebonden aan de opgave die de bank hieromtrent doet op grond van de bij haar verrichte boekingen. De schuldenaar heeft het recht teruggave te vorderen van hetgeen hij mocht bewijzen minder verschuldigd te zijn dan te zijnen laste is gebracht.”
de administratie en de incasso van de in hoofde vermelde vordering is overgedragen aan Incassobureau Fiditon B.V.”. Boven de aanhef wordt verwezen naar het nummer dat ook op de offerte van de hypotheeklening staat. Verder wordt vermeld:
De vordering is als volgt samengesteld:
De lening van betreffende klant is in 2002 afgelost. In verband met de verstreken record retention termijn hebben wij geen andere gegevens meer.”
Vordering en verweer in conventie
a. € 12.050 aan hoofdsom;
b. rente over € 12.050 vanaf de datum van dagvaarding (1 december 2021);
c. de proceskosten.
Vordering en verweer in reconventie
Beoordeling in conventie en reconventie
BESLISSING
in conventie
griffierecht € 85
explootkosten € 125,03
salaris gemachtigde € 746 (2 punten x € 373)
______
totaal € 956,03
inclusief eventueel verschuldigde btw;