ECLI:NL:RBAMS:2021:785
Rechtbank Amsterdam
- Kort geding
- Rechtspraak.nl
Machtiging aanvraag omzettingsvergunning voor onzelfstandige woonruimte door huurder namens verhuurder
De Stichting Studentenhuis te Amsterdam huurt sinds 1957 een bovenhuis dat wordt gebruikt als studentenhuisvesting. Na het overlijden van de eigenaar zijn de erven rechtsopvolgers geworden. De erven vorderden ontruiming en beëindiging van de kamergewijze bewoning wegens het ontbreken van een omzettingsvergunning, noodzakelijk volgens de Huisvestingsverordening Amsterdam 2020.
De Stichting vordert in kort geding dat zij gemachtigd wordt om namens de erven een aanvraag voor de omzettingsvergunning in te dienen en bij afwijzing bezwaar en beroep te voeren. De erven verzetten zich tegen het legaliseren van de situatie waarbij meer dan twee personen de woonruimte bewonen, wat volgens de verordening niet is toegestaan.
De kantonrechter oordeelt dat het ontbreken van de vergunning een gebrek vormt dat de verhuurder moet verhelpen. Aangezien de erven niet bereid zijn dit te doen, kan de huurder dit namens hen doen op grond van artikel 7:206 lid 3 BW Pro. De Stichting wordt daarom gemachtigd om de aanvraag in te dienen en bezwaar en beroep te voeren. De erven worden veroordeeld in de proceskosten.
Uitkomst: De Stichting wordt gemachtigd om namens de erven de omzettingsvergunning aan te vragen en bezwaar en beroep te voeren bij afwijzing.