Uitspraak
RECHTBANK AMSTERDAM
uitspraak van de enkelvoudige kamer van in de zaak tussen
[eiser] , te Amsterdam, eiser
Procesverloop
Overwegingen
.De beslissing is in het openbaar uitgesproken op
Rechtbank Amsterdam
Eiser was tot 1 november 2019 werkzaam als medewerker handhaving bij de gemeente Amsterdam en werd in het kader van een reorganisatie geplaatst in een vergelijkbare functie. Hij maakte bezwaar tegen het besluit om hem niet te plaatsen in een hogere functie, namelijk senior medewerker handhaving of aanvoerder.
Het college oordeelde dat eiser onvoldoende geschikt was voor de hogere functies op basis van een beoordelingsformulier en competenties zoals initiatief, omgevingsbewustzijn, overtuigingskracht en oordeelsvorming. De rechtbank stelt vast dat het college een ruime beoordelingsvrijheid heeft en dat de procedure zorgvuldig is gevolgd, waarbij alle kandidaten gelijk zijn beoordeeld.
Eiser voerde aan dat hij ervaring had en de hogere functies tijdelijk had waargenomen, maar kon dit niet met concrete voorbeelden onderbouwen. Ook het betoog over willekeur faalde, omdat het college aannemelijk maakte dat andere kandidaten wel over de benodigde competenties beschikten. De rechtbank concludeert dat het college in redelijkheid tot zijn besluit is gekomen en verklaart het beroep ongegrond.
Uitkomst: Het beroep van eiser tegen het besluit tot plaatsing in een lagere functie wordt ongegrond verklaard.