De minister van Infrastructuur en Waterstaat heeft in 2019 en 2020 vergunningen verleend voor laadpalen als aanvullende voorzieningen bij tankstations en restaurants langs snelwegen. Fastned maakte bezwaar en stelde beroep in tegen deze vergunningen, stellende dat de vergunningen haar bedrijfsvoering negatief beïnvloeden en dat de vergunningen onrechtmatig zijn verleend.
Fastned verzocht de voorzieningenrechter om een voorlopige voorziening om de vergunningen te schorsen. De voorzieningenrechter overwoog dat het verzoek een voorlopig karakter heeft en dat de uitspraak van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State van 4 november 2020 aanleiding gaf tot beleidswijziging van de minister, waarbij ook andere partijen dan benzinestations en wegrestaurants vergunningen kunnen aanvragen.
De voorzieningenrechter oordeelde dat Fastned onvoldoende spoedeisend belang had aangetoond, geen actuele noodsituatie of onomkeerbare gevolgen voor haar onderneming kon aantonen, en dat de lopende beroepsprocedures kunnen worden afgewacht. De verzoeken om voorlopige voorziening werden daarom afgewezen. Tegen deze uitspraak is geen rechtsmiddel mogelijk.