Uitspraak
RECHTBANK AMSTERDAM
uitspraak van de enkelvoudige kamer van 28 februari 2020 in de zaak tussen
[eiser] , te [woonplaats] , eiser
Procesverloop
Overwegingen
Beslissing
.De beslissing is in het openbaar uitgesproken op
Rechtbank Amsterdam
Eiser ontving vanaf december 2014 tot april 2016 een bijstandsuitkering. Verweerder heeft de uitkering herzien en een bedrag van €13.917,24 teruggevorderd omdat eiser niet alle financiële gegevens, waaronder stortingen op zijn bankrekening, had gemeld.
Eiser voerde aan dat hij geen onjuiste gegevens had verstrekt, maar de rechtbank oordeelde dat eiser zijn inlichtingenplicht had geschonden door deze stortingen niet tijdig te melden. De stortingen werden terecht aangemerkt als middelen waarover eiser vrij kon beschikken.
De rechtbank concludeerde dat verweerder terecht heeft gehandeld conform de Participatiewet, dat herziening en terugvordering passend waren en dat er geen bijzondere omstandigheden waren om hiervan af te zien. Het beroep van eiser werd daarom ongegrond verklaard.
Uitkomst: Het beroep tegen de herziening en terugvordering van de bijstandsuitkering wordt ongegrond verklaard.