ECLI:NL:RBAMS:2019:6510
Rechtbank Amsterdam
- Tussenuitspraak
- Rechtspraak.nl
Tussenuitspraak inzake verhoging WIA-uitkering wegens hulpbehoevendheid
Eiseres heeft een aanvraag ingediend voor verhoging van haar WIA-uitkering wegens hulpbehoevendheid, welke door het UWV is afgewezen op basis van medische rapporten van verzekeringsartsen. De verzekeringsartsen concludeerden dat eiseres niet in aanmerking komt voor verhoging omdat zij geen geregelde oppassing nodig heeft en een uur alleen kan blijven zonder gevaar.
De rechtbank constateert dat het UWV ten onrechte het criterium 'geregelde oppassing' heeft toegepast op de aanvraag voor een verhoging van 85%, terwijl dit criterium alleen geldt voor een verhoging van 100%. Tevens is niet duidelijk op welke situatie de medische beoordeling is gebaseerd en is eiseres niet gehoord, wat in strijd is met de hoorplicht en de zorgvuldigheidsbeginselen.
De rechtbank wijst erop dat de informatie op de UWV-website begrijpelijkerwijs tot misverstanden kan leiden, maar dat de beoordeling moet plaatsvinden aan de hand van de wettelijke criteria uit de Wet WIA en de Beleidsregel. Gelet op de gebreken in de procedure en motivering wordt het UWV in de gelegenheid gesteld de procedure te herstellen door eiseres alsnog te horen en een nieuwe beoordeling te geven.
De rechtbank houdt verdere beslissingen aan en bepaalt dat het UWV binnen zes weken de gebreken moet herstellen, met een termijn van twee weken om aan te geven of zij hiervan gebruik maakt. De uitspraak betreft een tussenuitspraak en er is nog geen hoger beroep mogelijk.
Uitkomst: Het UWV wordt in de gelegenheid gesteld de procedure te herstellen door eiseres alsnog te horen en een nieuwe beoordeling te geven.