ECLI:NL:RBAMS:2018:3611
Rechtbank Amsterdam
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Verzoek tot wraking afgewezen wegens indiening na uitspraak in hoofdzaak
Verzoeker diende een wrakingsverzoek in tegen mr. H.M. Patijn, kantonrechter, nadat op 23 november 2017 uitspraak was gedaan in de hoofdzaak betreffende een beroep tegen een Wahv-sanctie. De wrakingskamer oordeelde dat op grond van artikel 8:16 Awb Pro wraking mogelijk is op basis van feiten die de onpartijdigheid van de rechter kunnen schaden, maar niet nadat de uitspraak in de hoofdzaak is gedaan.
Omdat de rechter de hoofdzaak niet meer in behandeling heeft na uitspraak, is het wrakingsverzoek niet ontvankelijk. Er is geen aanleiding tot mondelinge behandeling, aangezien het verzoek direct niet-ontvankelijk is verklaard. De beslissing werd uitgesproken op 20 februari 2018 door de wrakingskamer van de rechtbank Amsterdam.
Tegen deze beslissing is geen rechtsmiddel mogelijk. Hiermee wordt bevestigd dat wraking alleen binnen de procedure mogelijk is en niet achteraf na uitspraak.
Uitkomst: Wrakingsverzoek niet-ontvankelijk verklaard omdat het na uitspraak in de hoofdzaak is ingediend.