ECLI:NL:RBAMS:2017:793
Rechtbank Amsterdam
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Vrijspraak wegens onvoldoende bewijs ontucht met minderjarige prostituee
De rechtbank Amsterdam behandelde de zaak tegen verdachte die werd beschuldigd van ontucht met een minderjarige prostituee op of omstreeks 11 februari 2014. Verdachte had via een advertentie contact gelegd met de minderjarige die zich voordeed als meerderjarig en een afspraak gemaakt voor seksuele handelingen.
Tijdens de zitting erkende verdachte de afspraak en het bezoeken van het afgesproken adres, maar ontkende dat er seksuele handelingen hebben plaatsgevonden. De officier van justitie betoogde dat uit telefoonverkeer bleek dat verdachte bereid was meer te betalen en dat de verklaring van verdachte ongeloofwaardig was. Ook verklaarde het meisje bij de rechter-commissaris dat zij altijd seks had met klanten.
De rechtbank oordeelde echter dat er onvoldoende wettig bewijs was dat de seksuele handelingen daadwerkelijk hebben plaatsgevonden. De enkele verklaring van het meisje en het feit dat verdachte de afspraak ontkende, maakten dat de rechtbank het ten laste gelegde niet bewezen achtte. Daarom sprak de rechtbank verdachte vrij van de ten laste gelegde feiten.
Uitkomst: Verdachte wordt vrijgesproken wegens onvoldoende bewijs van ontucht met minderjarige prostituee.