Uitspraak
RECHTBANK AMSTERDAM
.
1.Het onderzoek ter terechtzitting
2.Tenlastelegging
3.Voorvragen
4.Waardering van het bewijs
Er kan niet worden aangetoond dat wat er in dat contract staat, niet juist is of dat er van tevoren is bedacht dat [naam 4] het werk niet zou gaan verrichten. Er zijn getuigen die verklaren dat [naam 4] wel gewerkt heeft en daarnaast zijn alle premies gewoon afgedragen. Er is geen sprake van een strafbaar feit en daarom dient verdachte te worden vrijgesproken van het onder 3 ten laste gelegde.
[naam 1] verklaart daar bij de politie over dat het voor hem niet mogelijk was om een hypotheek te krijgen in verband met zijn werk in een coffeeshop en dat hij daarom bij het bedrijf van verdachte is komen werken. Het verkrijgen van een hypotheek was daarna geen probleem meer.
5.Bewezenverklaring
6.De strafbaarheid van de feiten
7.De strafbaarheid van verdachte
8.Motivering van de straffen en maatregelen
9.Toepasselijke wettelijke voorschriften
10.Beslissing
medeplegen van valsheid in geschrift
medeplegen van oplichting
[verdachte], daarvoor strafbaar.
€ 32.000,-(tweeëndertigduizend euro), bij gebreke van betaling en verhaal te vervangen door hechtenis van 195 dagen.