ECLI:NL:RBAMS:2017:5987
Rechtbank Amsterdam
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Intrekking bijstandsuitkering wegens niet gemelde snoractiviteiten in november 2016
Eiser kreeg zijn bijstandsuitkering over november 2016 ingetrokken omdat hij zonder vergunning taxivervoer tegen betaling aanbood, een activiteit die op geld waardeerbaar is en gemeld had moeten worden. Verweerder baseerde dit op een proces-verbaal van de politie Amsterdam-Amstelland.
Eiser erkende dat hij vaker snort wanneer hij geld nodig heeft en dat hij hiermee ongeveer vijftien euro verdient, maar hield geen administratie bij en kon niet aantonen hoeveel hij in november 2016 daadwerkelijk verdiende. Hierdoor kon het recht op bijstand niet worden vastgesteld.
De rechtbank oordeelde dat de bewijslast bij eiser ligt om aan te tonen dat hij ondanks de schending van de inlichtingenplicht recht had op bijstand. Zijn enkele stelling dat hij op 22 november geen geld ontving was onvoldoende. Het beroep werd daarom ongegrond verklaard en de intrekking van de bijstand was terecht.
Uitkomst: De rechtbank bevestigt de intrekking van de bijstandsuitkering over november 2016 wegens niet gemelde snoractiviteiten.