Uitspraak
RECHTBANK AMSTERDAM
uitspraak van de enkelvoudige kamer van 30 augustus 2016 in de zaak tussen
[de man] , te Amsterdam, eiser
Procesverloop
Overwegingen
Beslissing
.
Rechtbank Amsterdam
Eiser was arbeidsongeschikt en ontving een Ziektewet-uitkering die na een eerstejaars ziektewetbeoordeling werd beëindigd omdat hij geschikt werd geacht voor bepaalde functies. Na een nieuwe ziekmelding en bezwaar handhaafde het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen het besluit tot beëindiging van de uitkering.
Eiser voerde aan dat het medisch onderzoek onzorgvuldig was en dat zijn beperkingen ernstiger waren dan vastgesteld, onderbouwd met medische stukken en klachten. De verzekeringsartsen hebben echter meerdere onderzoeken verricht, inclusief een hoorzitting en medisch dossieronderzoek, en concludeerden dat er geen nieuwe medische informatie was die een wijziging rechtvaardigde.
De rechtbank oordeelde dat het medisch onderzoek zorgvuldig was uitgevoerd en dat de rapportages van de verzekeringsartsen betrouwbaar en consistent waren. De beperkingen van eiser waren niet zodanig dat hij ongeschikt was voor de passende functies die eerder waren vastgesteld. Daarom was de beëindiging van de Ziektewet-uitkering terecht en werd het beroep ongegrond verklaard.
Uitkomst: Het beroep tegen de beëindiging van de Ziektewet-uitkering wordt ongegrond verklaard omdat eiser geschikt is voor passende functies.