ECLI:NL:RBAMS:2016:5343
Rechtbank Amsterdam
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek voorlopige voorziening partneralimentatie bij schuldsanering
Partijen zijn gescheiden en de man is verplicht partneralimentatie te betalen aan de vrouw. Na een eerdere wijziging van de alimentatiebedragen is de man in een schuldsaneringsregeling terechtgekomen, waarbij een groot deel van de schuld bestaat uit achterstallige alimentatie.
De man verzoekt de rechtbank om de partneralimentatie voorlopig op nihil te stellen in afwachting van de hoofdzaak, vanwege gewijzigde omstandigheden en zijn schuldsanering. De vrouw verzet zich hiertegen en benadrukt haar belang bij het ontvangen van alimentatie.
De rechtbank beoordeelt of er sprake is van een dringende noodzaak voor een voorlopige voorziening. Gezien de schuldsanering en het minimale vrij te laten bedrag van de man, acht de rechtbank het verzoek onvoldoende dringend. Het is aan de rechtercommissaris van de schuldsaneringsregeling om te beslissen over de alimentatie binnen het vrij te laten bedrag.
Daarom wijst de rechtbank het verzoek af en houdt zij de behandeling van de hoofdzaak aan voor een nader te bepalen datum.
Uitkomst: Het verzoek tot voorlopige nihilstelling van partneralimentatie wordt afgewezen en de hoofdzaak wordt aangehouden.