Uitspraak
RECHTBANK AMSTERDAM
1.Het onderzoek ter terechtzitting
2.Tenlastelegging
althans enig(e) goed(eren) aan de boedel heeft onttrokken;
3.Voorvragen
4.Waardering van het bewijs
5.Bewezenverklaring
- geldbedragen (ten bedrage van ongeveer EURO 192.000) en
- geldbedragen (ten bedrage van ongeveer EURO 50.024) en/of
6.De strafbaarheid van het feit
7.De strafbaarheid van verdachte
8.Motivering van de straf
first offenderis en de persoonlijke omstandigheden van verdachte dit toelaten.
first offendermoet worden beschouwd. Dat staat echter in schril contrast met het feit dat verdachte klaarblijkelijk enkel oog heeft gehad voor zijn eigen financiële gewin. Verdachte heeft bewust en gedurende langere tijd zijn eigen onderneming leeggehaald. Een korter voorwaardelijk deel dan geëist acht de rechtbank daarom passend. Zij zal dan ook – in het nadeel van verdachte – afwijken van de eis van de officier van justitie.
9.Toepasselijke wettelijke voorschriften
10.Beslissing
[verdachte], daarvoor strafbaar.
gevangenisstrafvan
12 (twaalf) maanden.
3 (drie) maanden, van deze gevangenisstraf
nietzal worden ten uitvoer gelegd, tenzij later anders wordt gelast.
proeftijd van 2 (twee) jarenvast.