ECLI:NL:RBAMS:2015:6787
Rechtbank Amsterdam
- Wraking
- Rechtspraak.nl
Afwijzing wrakingsverzoek tegen rechters wegens vermeende vooringenomenheid
De rechtbank Amsterdam behandelde op 27 maart 2015 een wrakingsverzoek van een verdachte die zich in meerdere strafzaken tegenover de rechters bevond. De verdachte stelde dat de rechters hem niet begrepen, de behandeling zonder hem wilden voortzetten en dat hij daardoor in zijn verdediging werd geschaad, wat zou leiden tot een oneerlijk proces.
Tijdens de zitting werd het proces-verbaal van een verbalisant aan de verdachte voorgehouden, wat leidde tot discussie en onvrede van de verdachte. De voorzitter waarschuwde de verdachte dat bij voortzetting van ordeverstoring de zitting zonder hem zou worden voortgezet, maar verwijdering vond niet plaats. De rechtbank stelde vast dat deze handelingen geen grond vormen voor het vermoeden van vooringenomenheid.
De rechtbank oordeelde dat de vrees van de verdachte voor partijdigheid niet objectief gerechtvaardigd was en dat er geen feitelijke grondslag was voor het standpunt dat de verdachte in zijn verdediging was geschaad. Het wrakingsverzoek werd daarom afgewezen en de procedure werd hervat in de stand waarin deze zich bevond ten tijde van het wrakingsverzoek.
Uitkomst: Het wrakingsverzoek tegen de rechters wordt afgewezen wegens gebrek aan objectieve aanwijzingen voor vooringenomenheid.