Uitspraak
RECHTBANK AMSTERDAM
uitspraak van de enkelvoudige kamer van 14 augustus 2015 in de zaak tussen
[eiser] , te Amsterdam, eiser
Procesverloop
Overwegingen
Beslissing
.De beslissing is in het openbaar uitgesproken op 14 augustus 2015.
Rechtbank Amsterdam
Eiser heeft op 3 oktober 2014 een aanvraag ingediend voor een bijstandsuitkering op grond van de Wet werk en bijstand (Wwb). Verweerder heeft deze aanvraag afgewezen omdat eiser onvoldoende informatie heeft verstrekt over zijn financiële situatie en woonplaats, waardoor het recht op bijstand niet kon worden vastgesteld.
Eiser stelde dat hij zijn hoofdverblijf had op het opgegeven adres in Amsterdam, ondanks dat hij overdag vaak elders verbleef vanwege zijn ziekte. Hij overlegde verklaringen van buren en familie, maar deze waren onvoldoende concreet en controleerbaar. Verweerder mocht daarom twijfelen aan de feitelijke verblijfplaats van eiser.
Ook over de financiële situatie kon eiser geen objectieve en verifieerbare gegevens overleggen. De rechtbank vond het opmerkelijk dat eiser zonder duidelijke inkomsten ruim zes maanden in het buitenland verbleef terwijl zijn vaste lasten werden betaald. De rechtbank oordeelde dat eiser niet aannemelijk had gemaakt dat hij recht op bijstand had en verklaarde het beroep ongegrond.
Uitkomst: Het beroep wordt ongegrond verklaard en de afwijzing van de bijstandsaanvraag gehandhaafd.