ECLI:NL:RBAMS:2013:BZ4269
Rechtbank Amsterdam
- Eerste aanleg - meervoudig
- A.D. Reiling
- C.J. Polak
- M.C. Eggink
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit UWV wegens ontbreken verzekeringsgeneeskundig onderzoek bij laattijdige Wajong-aanvraag
Eiser diende een laattijdige aanvraag in voor een uitkering op grond van de Wet Wajong, welke door het UWV werd afgewezen omdat eiser een periode had gewerkt waarin hij naar oordeel van de arbeidsdeskundige meer dan 75% van zijn maatmaninkomen verdiende. Het UWV liet het verzekeringsgeneeskundig onderzoek achterwege, wat volgens de rechtbank in strijd is met de wet.
De rechtbank overweegt dat op grond van artikel 2:5, eerste lid, van de Wet Wajong de beoordeling van arbeidsongeschiktheid gebaseerd moet zijn op een verzekeringsgeneeskundig onderzoek, en dat een arbeidsdeskundige dit niet kan vervangen. Ook als er een arbeidsverleden is, moet de verzekeringsarts beoordelen of betrokkene daadwerkelijk in staat was normaal te functioneren, mede gelet op medische beperkingen.
De stelling van het UWV dat de werkinstructie en jurisprudentie van de Centrale Raad van Beroep deze pragmatische benadering ondersteunen, wordt verworpen omdat in geen van de aangehaalde uitspraken het medisch onderzoek is achterwege gelaten. De rechtbank verklaart het beroep gegrond, vernietigt het bestreden besluit en draagt op tot een nieuwe beslissing met inachtneming van een verzekeringsgeneeskundig onderzoek.
Daarnaast veroordeelt de rechtbank het UWV in de proceskosten en tot vergoeding van het griffierecht. De uitspraak is gedaan door de meervoudige kamer van de rechtbank Amsterdam op 18 januari 2013.
Uitkomst: Het beroep wordt gegrond verklaard en het besluit van het UWV vernietigd wegens het ontbreken van een verzekeringsgeneeskundig onderzoek.