Uitspraak
RECHTBANK AMSTERDAM
1.Verloop van de procedure
2.Tenlastelegging
3.Voorvragen
- Er zijn 29 maanden verstreken sinds verdachte is gehoord naar aanleiding van het gepleegde feit. Verdachte was ten tijde van het horen door de politie 13 jaar en is thans 16 jaar. De rechtbank merkt op dat minderjarigen in de levensfase van 13 tot 16 jaar in de regel een forse persoonlijke ontwikkeling doormaken.
- Op 7 januari 2011 heeft de Raad voor de Kinderbescherming geadviseerd de onderhavige zaak met een werkstraf af te doen. In een rapport van 28 februari 2012 – opgemaakt terzake een op 17 februari 2012 gepleegde straatroof waarbij verdachte een telefoon uit de handen van het slachtoffer heeft weggegrist - beschrijft de Raad dat verdachte ADHD en ODD heeft en dat hij vanwege zijn ADHD overwegend impulsief handelt en onvoldoende stilstaat bij de gevolgen van zijn gedrag. Bij rapport van 25 maart 2013 schrijft de Raad dat verdachte in het afgelopen jaar positief heeft meegewerkt aan de hulpverlening en dat de hulpverlening zeer over hem te spreken is. Ook de huidige school van verdachte herkent de positieve verandering.
- Op de justitiële documentatie van verdachte staat, naast het onderhavige feit, dat hij een op 21 mei 2010 door de Officier van Justitie aangeboden transactie terzake mishandeling heeft geaccepteerd als ook dat de Officier van Justitie verdachte middels een strafbeschikking een geldboete van € 110 terzake overtreding van de Wet personenvervoer 2000 heeft opgelegd. Voorts staat verdachte ter zitting van 2 april 2013 terecht voor voornoemde op 17 februari 2012 gepleegde straatroof. Verdachte heeft dit feit bekend.
- De officier van justitie heeft ter zitting een verzoek wijziging tenlastelegging aangekondigd, inhoudende dat aan de in de onderhavige zaak tenlastegelegde straatroof een subsidiair feit, te weten bedreiging in vereniging, dient te worden toegevoegd omdat in haar optiek het subsidiaire feit meer recht doet aan het feitencomplex zoals dat zich op 8 oktober 2010 heeft afgespeeld.