ECLI:NL:RBAMS:2013:3908
Rechtbank Amsterdam
- Kort geding
- Sj.A. Rullmann
- Rechtspraak.nl
Weigering conservatoir beslag op bankrekeningen wegens belangenafweging
De voorzieningenrechter van de Rechtbank Amsterdam behandelde het verzoek van een componist om conservatoir beslag te leggen op de bankrekeningen van Stichting Stemra. De componist stelde dat zijn muziekwerk op grote schaal was verveelvoudigd en dat Stemra onvoldoende had geïncasseerd en aan hem had afgedragen. Hij vorderde zekerheid voor een bedrag van minimaal € 1.838.725,70.
Stemra voerde verweer en benadrukte dat zij een non-profitorganisatie is die gelden beheert voor ongeveer 21.000 leden en dat beslaglegging haar betalingsverplichtingen zou belemmeren. De voorzieningenrechter stelde vast dat het niet eenvoudig was om summierlijk deugdelijkheid van de vordering te beoordelen, maar dat bij een belangenafweging het belang van Stemra om vrijelijk over haar gelden te kunnen beschikken zwaarder woog dan het belang van de verzoeker bij zekerheidstelling.
De voorzieningenrechter concludeerde dat verzoeker onvoldoende aannemelijk had gemaakt dat er een reëel risico was dat hij onvoldoende verhaal zou hebben bij een executoriale titel. Het gevraagde verlof tot conservatoir beslag werd daarom geweigerd en verzoeker werd veroordeeld in de proceskosten van Stemra.
Uitkomst: Het gevraagde conservatoir beslag op de bankrekeningen van Stemra wordt geweigerd wegens zwaarderwegend belang van Stemra.