ECLI:NL:RBAMS:2012:BW4929
Rechtbank Amsterdam
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit intrekking huisnummer bedrijfshallen wegens onvoldoende motivering
Eiser is eigenaar van bedrijfshallen aan de [straatnaam] 19a, 19b en 19c te Weesp. Verweerder, het college van burgemeester en wethouders van Weesp, trok het huisnummer 19c in omdat de hallen 19b en 19c volgens hem één verblijfsobject vormen in de zin van de wet BAG, mede vanwege een doorbraak in de muur tussen de hallen.
Eiser betwist dit en stelt dat er sprake is van twee verblijfsobjecten en dat verweerder onvoldoende heeft gemotiveerd waarom hij tot het besluit is gekomen. De rechtbank oordeelt dat het besluit onvoldoende gemotiveerd is omdat verweerder niet duidelijk heeft gemaakt welke eigenschappen van de hallen leiden tot de conclusie dat sprake is van één verblijfsobject.
Desondanks volgt de rechtbank uit het onderzoek ter plaatse en de wet BAG dat de hallen 19b en 19c inderdaad als één verblijfsobject moeten worden aangemerkt, omdat ze niet afzonderlijk afsluitbaar zijn en functioneel als één eenheid worden gebruikt. De rechtbank vernietigt het besluit wegens gebrek aan motivering maar laat de rechtsgevolgen van het besluit in stand. Verweerder wordt veroordeeld tot vergoeding van het griffierecht en proceskosten aan eiser.
Uitkomst: Het besluit tot intrekking van huisnummer 19c wordt vernietigd wegens onvoldoende motivering, maar de rechtsgevolgen blijven in stand.