ECLI:NL:RBAMS:2011:BU9768
Rechtbank Amsterdam
- Wraking
- Rechtspraak.nl
Afwijzing wrakingsverzoek rechter-commissaris wegens ontbreken objectieve vooringenomenheid
Verzoekster, veroordeeld voor diefstal en in hoger beroep, verzocht de rechter-commissaris om het horen van getuigen, waaronder een huisarts. Dit verzoek werd afgewezen met verwijzing naar een verkeerde maatstaf. Verzoekster stelde dat de rechter-commissaris onjuist had gehandeld en vreesde vooringenomenheid.
De rechter-commissaris lichtte toe dat zij het belang van de verdediging had meegewogen en dat het verzoek tot het horen van de huisarts niet noodzakelijk was voor de beoordeling van de zaak. Ten aanzien van andere getuigen werd aangegeven dat onvoldoende gegevens waren verstrekt om hen op te roepen.
De wrakingskamer oordeelde dat een rechter geacht wordt onpartijdig te zijn, tenzij er zwaarwegende aanwijzingen zijn voor vooringenomenheid. De genomen beslissingen waren weliswaar summier gemotiveerd en deels op een verkeerde maatstaf gebaseerd, maar niet zo onbegrijpelijk dat alleen vooringenomenheid als verklaring overbleef.
Daarom werd het wrakingsverzoek afgewezen. Tegen deze beslissing is geen voorziening mogelijk volgens artikel 515 lid 5 Sv Pro.
Uitkomst: Het wrakingsverzoek tegen de rechter-commissaris is afgewezen wegens ontbreken van objectieve vooringenomenheid.