ECLI:NL:RBAMS:2011:BU6920
Rechtbank Amsterdam
- Eerste aanleg - meervoudig
- C.M. van Wechem
- B.H. Franke
- L.N. Nijhuis
- Rechtspraak.nl
Schadevergoeding wegens overschrijding redelijke termijn in WIA-procedures
Eiseres vorderde schadevergoeding wegens overschrijding van de redelijke termijn in twee WIA-gerelateerde procedures tegen het UWV en de Staat. De procedures betroffen bezwaar- en beroepsfasen over uitkeringsbesluiten. De rechtbank oordeelde dat de redelijke termijn in beide procedures was overschreden, waarbij de overschrijding deels aan de Staat en deels aan het UWV kon worden toegerekend.
De rechtbank verwierp het standpunt van eiseres dat de mandatering van de Raad voor de Rechtspraak onrechtmatig was en bevestigde dat de Raad namens de Staat mocht optreden. De complexiteit van de zaken werd niet als zodanig beoordeeld dat een hogere vergoeding gerechtvaardigd was. De rechtbank stelde vast dat de totale duur van de procedures de redelijke termijn overschreed met respectievelijk meer dan een jaar en enkele maanden.
De rechtbank veroordeelde de Staat tot betaling van € 2.000 en het UWV tot € 500 aan schadevergoeding wegens immateriële schade door de overschrijding. Daarnaast werden beide partijen veroordeeld in de proceskosten van eiseres. Verzoeken om wettelijke rente werden afgewezen omdat de vergoedingen nog niet opeisbaar waren.
Uitkomst: De Staat wordt veroordeeld tot betaling van € 2.000 en het UWV tot € 500 aan schadevergoeding wegens overschrijding van de redelijke termijn.