ECLI:NL:RBAMS:2011:BU3658
Rechtbank Amsterdam
- Wraking
- M. van Walraven
- M.V. Ulrici
- Y.A.A.G. de Vries
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek tot wraking kantonrechter in ontbindingsprocedure arbeidsovereenkomst
Verzoekster diende een verzoek tot ontbinding van haar arbeidsovereenkomst in, behandeld op 7 december 2010. Tijdens de zitting stelde verzoekster dat de kantonrechter persoonlijk vooringenomen was, onder meer door het accepteren van nieuwe documenten zonder hoor en wederhoor en een vijandige houding.
De rechtbank onderzocht het wrakingsverzoek op grond van artikel 36 Rv Pro en oordeelde dat de door verzoekster genoemde gedragingen en omstandigheden onvoldoende waren om een objectief gerechtvaardigde vrees voor partijdigheid aan te nemen. De rechter heeft partijen voldoende gelegenheid gegeven hun standpunten toe te lichten en procedurele beslissingen waren binnen de beoordelingsvrijheid van de rechter.
De rechtbank benadrukte het vermoeden van onpartijdigheid van rechters en stelde dat subjectieve gevoelens van verzoekster niet doorslaggevend zijn. Het wrakingsverzoek werd daarom afgewezen en de procedure werd voortgezet in de stand waarin deze zich bevond bij indiening van het verzoek.
Uitkomst: Het verzoek tot wraking van de kantonrechter wordt afgewezen wegens gebrek aan objectief gerechtvaardigde vrees voor partijdigheid.