ECLI:NL:RBAMS:2011:BR2561
Rechtbank Amsterdam
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Aansprakelijkheid voor aanrijding met vorkheftruck op bedrijfsterrein
Op 22 oktober 2008 raakte een vrachtwagenchauffeur betrokken bij een ongeval op het terrein van een bedrijf, waarbij hij werd aangereden door een vorkheftruck. De chauffeur liep hierbij ernstige verwondingen op, waaronder amputatie van beide onderbenen.
De rechtbank beoordeelde de aansprakelijkheid van de eigenaar van het terrein, de werkgever van de heftruckchauffeur, en de heftruckchauffeur zelf. De rechtbank stelde vast dat het ongeval niet op een voor het verkeer openstaande weg had plaatsgevonden, waardoor artikel 185 Wegenverkeerswet Pro niet van toepassing was. De aansprakelijkheid werd daarom beoordeeld op grond van artikel 6:162 BW Pro (onrechtmatige daad).
De heftruckchauffeur was aansprakelijk wegens het niet claxonneren bij het verlaten van de loods en het vooruitrijden met beperkte zichtbaarheid, terwijl achteruitrijden geboden was. De vrachtwagenchauffeur had zich op het terrein begeven terwijl voetgangers verboden waren, wat mede aan het ongeval had bijgedragen. De rechtbank stelde de eigen schuld van de vrachtwagenchauffeur op 25%, maar paste een billijkheidscorrectie toe vanwege de ernst van het letsel, waardoor de heftruckchauffeur en diens werkgever hoofdelijk aansprakelijk werden gesteld voor 100% van de schade.
Daarnaast werd de verzekeraar van de werkgever verplicht tot betaling van de schadevergoeding. De rechtbank veroordeelde de werkgever en de heftruckchauffeur in de proceskosten, waarbij het uurtarief van de advocaat werd gematigd tot een marktconform tarief van €250 per uur.
Uitkomst: De bestuurder van de vorkheftruck en diens werkgever zijn hoofdelijk aansprakelijk voor 100% van de schade van de vrachtwagenchauffeur, inclusief betaling door de verzekeraar.