ECLI:NL:RBAMS:2011:BR0417
Rechtbank Amsterdam
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing vordering wegens verjaring schadevergoeding onrechtmatige daad deskundige
Entertainment International B.V. en Holiday Ship B.V. (gezamenlijk Entertainment c.s.) vorderden schadevergoeding van [A] B.V. wegens een onrechtmatige daad in verband met een taxatierapport over de waarde van een jacht dat in 2000 door brand verloren ging. De kern van het geschil betrof de waardebepaling van het jacht en de vermeende fouten in het rapport van [A].
De rechtbank stelde vast dat Entertainment c.s. in november 2000 bekend waren met het rapport van [A], de beweerde schade en de aansprakelijke partij. De verjaringstermijn van vijf jaar voor het instellen van een vordering tot schadevergoeding begon daarmee in november 2000 te lopen. De aansprakelijkstelling vond echter pas plaats in december 2008, ruim na het verstrijken van de verjaringstermijn.
Entertainment c.s. voerden aan dat zij pas na het deskundigenrapport van mei 2007 voldoende duidelijkheid hadden over de onrechtmatigheid, en dat er sprake was van een voortdurende onrechtmatige daad. De rechtbank verwierp deze argumenten, stellende dat het vasthouden aan een standpunt geen voortdurende onrechtmatige daad vormt en dat voor de aanvang van de verjaringstermijn geen absolute juridische zekerheid vereist is.
De rechtbank concludeerde dat de vordering verjaard is en wees deze af. Tevens werden Entertainment c.s. veroordeeld in de proceskosten van [A].
Uitkomst: De vordering van Entertainment c.s. tegen [A] wordt afgewezen wegens verjaring.