ECLI:NL:RBAMS:2011:BQ2022
Rechtbank Amsterdam
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid beroep wegens onredelijke late indiening tegen niet tijdig besluit op bezwaar
Eiser werd op 24 maart 2010 ontslagen wegens ernstig plichtsverzuim en maakte hiertegen bezwaar. Verweerder nam niet tijdig een besluit op het bezwaar, waardoor eiser beroep instelde tegen deze niet tijdige beslissing. De rechtbank stelde vast dat verweerder de beslistermijn had overschreden en dat een adviescommissie was ingesteld, maar dat verweerder niet tijdig en op juiste wijze aan eiser had meegedeeld dat deze commissie was ingesteld.
Hierdoor gold een beslistermijn van zes weken, die werd overschreden. Verweerder had ook niet schriftelijk medegedeeld dat de beslistermijn was opgeschort, waardoor opschorting niet van toepassing was. Eiser stelde verweerder op 22 juni 2010 in gebreke, waarna hij pas op 30 september 2010 beroep instelde.
De rechtbank oordeelde dat het beroep niet aan een vaste termijn gebonden is, maar dat het onredelijk laat was ingediend. Gezien het tijdsverloop van bijna drie maanden vond de rechtbank de indiening onredelijk laat en verklaarde het beroep niet-ontvankelijk. Eiser had geen bijzondere omstandigheden aangevoerd die het late beroep konden rechtvaardigen.
Uitkomst: Het beroep tegen het niet tijdig nemen van een besluit op het bezwaarschrift is niet-ontvankelijk verklaard wegens onredelijke late indiening.