ECLI:NL:RBAMS:2010:BP7150
Rechtbank Amsterdam
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Brandstichting in bedrijfsruimte door verzekerde voorshands bewezen
In deze zaak vordert eiser, exploitant van een shoarma- en grillroom, dat verzekeraar gehouden is tot vergoeding van schade door brand in zijn zaak. De brand is onderzocht en vastgesteld als brandstichting met vier brandhaarden, waaronder een op zolder en een in een speelautomaat.
Verzekeraar betoogt dat eiser de brand zelf heeft gesticht en beroept zich op uitsluiting wegens opzet. Daarnaast voert zij aan dat het alarmsysteem niet werkte, waardoor de brand niet voorkomen kon worden. Eiser betwist de herkenning door een buurman die hem bij de zaak zag lopen vlak voor de brand.
De rechtbank oordeelt dat, ondanks het sepot in het strafrecht, in civiele procedure andere bewijsregels gelden en acht de brandstichting door eiser voorshands bewezen. Eiser krijgt gelegenheid tot tegenbewijs. Subsidiair wordt het verweer van verzekeraar gegrond verklaard dat het ontbreken van een werkend alarmsysteem het recht op schadevergoeding uitsluit.
De beslissing wordt aangehouden voor bewijslevering door eiser, waarna verdere stappen volgen.
Uitkomst: Brandstichting door verzekerde is voorshands bewezen, tegenbewijs toegestaan; subsidiair geen recht op schadevergoeding wegens niet-werkend alarmsysteem.