ECLI:NL:RBAMS:2009:BL6662
Rechtbank Amsterdam
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Veroordeling tot betaling op grond van garantiestelling zonder dwaling of zorgplichtschending
Op 22 maart 2007 sloten gedaagden een koopovereenkomst voor een woning waarbij een bankgarantie van 10% van de koopprijs werd vereist. Cardif stelde op basis daarvan een garantiestellingsovereenkomst op en betaalde het garantiebedrag aan het notariskantoor nadat gedaagden tekortschoten in hun verplichtingen.
Cardif vorderde betaling van het uitgekeerde bedrag, premie, rente en incassokosten van gedaagden. Gedaagden voerden verweer met een beroep op wederzijdse dwaling en schending van de zorgplicht door Cardif, stellende dat zij onvoldoende waren geïnformeerd over de risico’s.
De rechtbank oordeelde dat gedaagden de verplichting tot het stellen van de garantie reeds waren aangegaan bij de koopovereenkomst, waardoor geen sprake was van een groter risico bij de garantiestellingsovereenkomst. Cardif had bovendien voldoende gewaarschuwd. Het beroep op dwaling en zorgplicht werd verworpen. De vordering van Cardif werd toegewezen, inclusief vergoeding van incassokosten en proceskosten. De reconventionele vordering tot vernietiging werd afgewezen.
Uitkomst: Gedaagden worden veroordeeld tot betaling van het garantiebedrag aan Cardif en het beroep op dwaling en zorgplicht wordt afgewezen.