ECLI:NL:RBAMS:2009:BJ0781
Rechtbank Amsterdam
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Toestemming overlevering Zweedse verdachte drugsdelicten naar Duitsland met terugkeergarantie
De rechtbank Amsterdam behandelde een verzoek tot overlevering van een Zweedse verdachte aan Duitsland op grond van een Europees aanhoudingsbevel. De verdachte wordt verdacht van meerdere strafbare feiten met betrekking tot illegale handel in verdovende middelen, deels gepleegd op Nederlands grondgebied.
De rechtbank onderzocht of de verdachte, die in Nederland verblijft en een duurzaam verblijfsrecht op grond van het EU-Verdrag geniet, gelijkgesteld kan worden met een vreemdeling met een verblijfsvergunning voor onbepaalde tijd. Na overleg met de Immigratie- en Naturalisatiedienst en het Hof van Justitie werd geconcludeerd dat een verblijfsdocument duurzaam verblijf mede onder deze categorie valt.
Ondanks vertraging in de aanvraag van het verblijfsdocument werd een terugkeergarantie van de Duitse autoriteiten verkregen dat de verdachte na veroordeling zijn straf in Nederland mag uitzitten. De rechtbank wees het verzoek tot aanhouding af en oordeelde dat de overlevering toegestaan kan worden, ook al zijn delen van de feiten in Nederland gepleegd. De rechtbank achtte de belangen van goede rechtsbedeling zwaarder dan de weigeringsgrond op basis van gedeeltelijke plaats van het delict.
Uitkomst: De rechtbank staat de overlevering van de verdachte aan Duitsland toe onder de voorwaarde van een terugkeergarantie dat hij zijn straf in Nederland kan uitzitten.