ECLI:NL:RBAMS:2009:BI9949
Rechtbank Amsterdam
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Veroordeling poging tot doodslag met vuurwapen en mishandeling
Op 9 november 2008 bedreigde en mishandelde verdachte het slachtoffer met een doorgeladen pistool, waarbij hij zijn vinger aan de trekker had. Tijdens een worsteling tussen beiden ging het wapen af, maar het slachtoffer werd niet geraakt. De rechtbank achtte wettig en overtuigend bewezen dat verdachte voorwaardelijk opzet had op doodslag door de aanmerkelijke kans te aanvaarden dat hij het slachtoffer met een kogel zou treffen.
Het bewijs bestond uit verklaringen van het slachtoffer en getuigen, medische rapporten over het letsel, en forensisch DNA-onderzoek dat verdachte koppelde aan bloedsporen op het wapen en kleding. Verdachte ontkende aanvankelijk, maar zijn ontkenningen werden verworpen vanwege tegenstrijdigheden en eerdere leugenachtigheid.
De rechtbank oordeelde dat verdachte strafbaar is en wees het verweer van de verdediging af dat sprake was van een ongeluk zonder opzet. Verdachte werd veroordeeld tot 30 maanden gevangenisstraf, waarbij rekening werd gehouden met zijn jeugdige leeftijd en eerdere veroordelingen. Tevens werd hij veroordeeld voor het bezit van hennep.
De straf weerspiegelt de ernst van het feit, de bedreiging met een vuurwapen, het opgelopen letsel van het slachtoffer en de maatschappelijke impact van dergelijke geweldsdelicten. De tijd in voorlopige hechtenis wordt in mindering gebracht op de straf.
Uitkomst: Verdachte is veroordeeld tot 30 maanden gevangenisstraf wegens poging tot doodslag, bedreiging, mishandeling en bezit van hennep.