ECLI:NL:RBAMS:2009:BH8279
Rechtbank Amsterdam
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Vernietiging lease-overeenkomsten wegens ontbreken schriftelijke toestemming echtgenote
Eiser vordert vernietiging van vier lease-overeenkomsten gesloten met Dexia, stellende dat zijn echtgenote geen schriftelijke toestemming heeft gegeven, zoals vereist op grond van artikel 1:88 BW Pro. De echtgenote heeft tijdig vernietiging ingeroepen voor drie overeenkomsten en later ook voor de vierde. Dexia betwist de vernietiging en beroept zich op verjaring, stellende dat de echtgenote reeds eerder op de hoogte was van de overeenkomsten.
De rechtbank volgt eerdere jurisprudentie en oordeelt dat de lease-overeenkomsten als huurkoop moeten worden gekwalificeerd en dat de vernietiging wegens ontbreken schriftelijke toestemming rechtsgeldig is ingeroepen binnen de verjaringstermijn van drie jaar. Voor drie overeenkomsten wordt Dexia veroordeeld tot restitutie van betalingen verminderd met ontvangen dividenden, vermeerderd met wettelijke rente vanaf het moment van verzuim.
Met betrekking tot de vierde overeenkomst heeft eiser de aandelen overgenomen en verkocht, waardoor teruglevering niet mogelijk is; de rechtbank gaat uit van de waarde bij overname. Dexia moet bewijzen dat de echtgenote meer dan drie jaar voor het inroepen van de nietigheid bekend was met de vierde overeenkomst. De zaak wordt aangehouden voor bewijslevering en eventueel getuigenverhoor. Tevens wordt Dexia veroordeeld tot het ongedaan maken van BKR-registratie met matiging van de dwangsom. Proceskosten worden deels toegewezen.
Uitkomst: Drie lease-overeenkomsten zijn vernietigd met restitutie en rente; bewijsopdracht gegeven voor kennis echtgenote over vierde overeenkomst.