ECLI:NL:RBAMS:2007:BD2811
Rechtbank Amsterdam
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- J.M.J. Lommen-van Alphen
- A.C. Enkelaar
- A.R.P.J. Davids
- Rechtspraak.nl
Toestemming en gedeeltelijke weigering overlevering op grond van Europees aanhoudingsbevel voor racketeering en afpersing
De rechtbank Amsterdam behandelde op 13 april 2007 een verzoek tot overlevering van een Italiaanse verdachte op basis van een Europees aanhoudingsbevel (EAB) uitgevaardigd door het Hof van Beroep te Bari. De verdachte werd verdacht van racketeering en afpersing en was veroordeeld tot een gevangenisstraf van 3 jaar en 6 maanden, welke straf onderdeel uitmaakt van een cumulatieve straf van bijna 6 jaar.
De verdediging voerde onder meer aan dat de verdachte niet persoonlijk was gedagvaard en dat zijn verdedigingsrechten onvoldoende waren gewaarborgd. De rechtbank concludeerde echter dat de verdachte in eerste aanleg aanwezig was geweest, werd bijgestaan door advocaten van zijn keuze, en dat ook in hoger beroep zijn rechten waren gewaarborgd. Het verweer werd daarom verworpen.
Daarnaast stelde de verdediging dat persoonlijke omstandigheden en het specialiteitsbeginsel in Nederland onvoldoende werden gerespecteerd, maar de rechtbank achtte deze argumenten onvoldoende onderbouwd. De overlevering werd daarom toegestaan voor de hoofdgevangenisstraf, maar geweigerd voor een aanvullende straf van 11 maanden arrest vanwege onvoldoende stukken.
De uitspraak is definitief en er staat geen gewoon rechtsmiddel tegen open.
Uitkomst: De rechtbank staat de overlevering toe voor de gevangenisstraf van 3 jaar en 6 maanden en weigert de overlevering voor 11 maanden arrest.