ECLI:NL:RBAMS:2006:AZ0188
Rechtbank Amsterdam
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Vrijspraak poging moord, veroordeling poging zware mishandeling en diefstal na steekpartij onder druk
De rechtbank Amsterdam behandelde twee aan verdachte ten laste gelegde zaken, waarin hij werd verdacht van het steken van een meisje met een mes onder druk van twee anderen, waaronder de ex van het slachtoffer, en meerdere diefstallen. Tijdens het onderzoek gaf verdachte wisselende verklaringen, maar bekende uiteindelijk de steekpartij onder zware psychische druk van medeverdachten. De rechtbank achtte bewezen dat verdachte het slachtoffer zeven keer met een mes heeft gestoken, maar oordeelde dat er geen sprake was van (voorwaardelijk) opzet op de dood van het slachtoffer, waardoor poging moord werd verworpen.
Wel werd vastgesteld dat verdachte met voorbedachten rade en opzet zwaar lichamelijk letsel heeft willen toebrengen, aangezien het mes voldoende scherp was en de kans op ernstig letsel werd aanvaard. Daarnaast werden diefstallen uit een school en een bedrijf bewezen verklaard. De rechtbank nam mee dat verdachte een normale intelligentie heeft en volledig toerekeningsvatbaar is, maar psychisch kwetsbaar en beïnvloedbaar. Daarom werd een deels voorwaardelijke gevangenisstraf van drie jaar opgelegd met een bijzondere voorwaarde van reclasseringscontact en behandeling.
De rechtbank kende aan het slachtoffer een schadevergoeding toe van €3.000,- en legde een betalingsverplichting op aan verdachte met een dwangsom van hechtenis bij niet-betaling. Verdachte werd vrijgesproken van poging moord en enkele diefstallen wegens onvoldoende bewijs. De rechtbank benadrukte de ernst van de feiten, de impact op het slachtoffer en de maatschappelijke onveiligheid die dergelijke delicten veroorzaken.
Uitkomst: Verdachte is veroordeeld tot drie jaar gevangenisstraf, deels voorwaardelijk, voor poging zware mishandeling en diefstal, en vrijgesproken van poging moord.